Het zit er bijna op, onze vakantie in China.
Vandaag het laatste deel van het verslag van onze reis in China met onder andere Being, Amsterdam, groepsreizen en natuurlijk de moraal van het verhaal.

Dag 20

De een na laatste dag van deze vakantie begint erg vroeg en we gaan naar het Rin Tan park in Bejing. Ook hier weer veel mensen, werkelijk honderden. Opnieuw zien we groepen mensen dansen, schilderen en er zijn een groot aantal repetities gaande. Waar deze repetities voor zijn wordt mij niet geheel duidelijk. Ik denk dat de meeste van ons het jammer vinden dat we na een uur of wat het park al uit moeten. Maar goed, de Grote Muur wacht.

We bezoeken de Muur in de buurt van Bejing maar we moeten eerst wel even een stukje met de bus. Vooral het laatste deel van deze reis is speciaal. Het wordt heuvelachtig en onze bus lijkt het maar net aan te kunnen. De chauffeur drukt iedere minuut een toeterend alarm op z’n dashboard weg wat direct weer terug komt. We denken dat de temperatuur van de motor te ver op loopt. Op deze weg rijden ook veel vrachtwagens die vanuit de provincies naar Being rijden en omgekeerd en volgeladen weer terug het platteland in. Deze vrachtwagens zakken bijna door de assen en zijn vaak te zwaar beladen. In de heuvels vallen ze geheel stil en we rijden met een snelheid van zo’n 10 km per uur door het heuvellandschap naar de Muur. Rechts naast ons zien we al stukjes Muur in de bergen liggen. Een mooi gezicht dus de snelheid van 10 km p/u vinden we niet erg.

We stappen uit waar ook veel andere mensen uit blijken te stappen. Vreemd, de Muur is duizenden kilometers lang en iedereen moet net hier zijn. Het wordt al snel duidelijk waarom. In de verte zien we een kabelbaan die de bergen in gaat. Als we in een eitje zitten weten we dat deze kabelbaan er niet voor niets ligt. De Muur ligt in en op de bergen en er naar toe lopen lijkt geen optie, dat kost je zeker een halve dag. Voordat we in een gondeltje van de kabelbaan stappen moet ik lachen om het bord bij de cabines met de tekst ‘don’t stick your body outside’ en ‘don’t scratch the cabin’. Als ik het al van plan was zal ik het nu maar niet meer doen. Ik heb vaak moeten lachen om de engelse vertalingen op borden langs de weg, in parken of bij restaurants. Teksten blijken vaak letterlijk vertaald. Er moet nog een hoop engels geleerd worden in China, maar ik vind het prima zo.

Op de De Muur aangekomen blijkt deze behoorlijk grillig maar dat kan natuurlijk niet anders want hij loopt letterlijk over de bergen. Als je 25 meter over de muur loopt heb je het wel gehad. Het is stijl, ik schat dat er stukken van met een stijgingspercentage van zo’n 60 graden zijn en het is warm en benauwd. Het is jammer dat het niet geheel helder is, maar we kunnen toch een paar kilometer Muur zien. In de verte liggen 3 wachttorens met daartussen Muur die zich van wachttoren naar wachttoren slingert. Omdat je maar een erg klein stukje van de Muur ziet is de omvang van dit bouwwerk maar moeilijk te bevatten. De Muur is duizenden kilometers lang en het schijnt dat er zo’n 2 tot 3 miljoen Chinezen gesneuveld zijn bij de aanleg van dit bouwwerk. Bizar.

Op de terugweg bezoeken we nog de Lama tempel en vanavond staat Peking eend op het programma. Ik moet eerst nog even pinnen want morgen is de laatste dag en we hebben nog een paar uur vrij. Ik heb al wat ervaring met pinautomaten en vraag me af of deze cashmachine in het hotel wel mijn kaarten zal slikken. En het gaat goed, ik trek een stapel Yuans uit het apparaat. Echter mijn pas komt niet terug. Ik schakel de balie in en deze halen de lobbymanager erbij. Aha, waarschijnlijk een bekend probleem. Ik wijs naar het apparaat, wijs een ander pasje aan en ik knik ‘Nee’. De boodschap is duidelijk. Er wordt verder niets gevraagd en men verteld direct dat men ‘de man van de bank’ inschakelt. Om half negen zal hij er zijn en ik wordt ook verwacht. Laat nou net om half negen de Peking eend geserveerd worden in een andere eetgelegenheid in Bejing. Ik ben niet van de eend en vind het eigenlijk niet zo heel erg. Snel nog wel even de pas laten blokkeren, je weet maar nooit welke Chinees er mee zou kunnen gaan lopen.

Om vijf over half negen heb ik mijn pas terug, ik word gevraagd een krabbel te zetten op een papier waar alleen maar chinese tekens op staan dus ik vraag wat er staat. Ik heb natuurlijk wel een idee maar hé, ik mis de Peking eend dus ik moet van deze gebeurtenis optimaal profiteren. Na een minuut of vijf weet ik nog niks maar de lobbymanager van het hotel knikt en de ‘man van de bank’ zweet. Ik zet dan maar een krabbel. Iedereen lacht en ‘de man van de bank’ is opgelucht. Iedereen biedt excuus aan. Waar ik exact voor getekend heb weet ik niet.

Dan wordt het tijd voor een chinese MacDonald’s, de rest zit aan de eend in een ander deel van Beijing en ik wil zo’n chinese Mac wel eens zien. Je ziet ze namelijk enorm veel, McDonald’s en vooral Kentucky Fried Chickens. Ik ben natuurlijk benieuwd naar de smaak en of deze hetzelfde is als bij alle andere McDonald’s die ik in een groot aantal landen bezocht heb. En verrek, hoe krijgen ze het voor elkaar. Alsof je in de Mac in Nijmegen bent. De menukaarten zijn onleesbaar maar het eten smaakt exact hetzelfde. Deze Mac puilt trouwens uit en er zitten veel jongeren te eten, te lezen of te spelen met de Rubick’s Cubes. Wie kent ze nog? Ik wist in ieder geval niet dat ze nog bestonden, laat staan dat ze nog populair waren. Ooit was ik daar ook goed in, maar deze jongens draaien binnen een seconde of 20 de Cubes op de goede manier in elkaar. Leuk.

Onder de Mac zit nog een klein winkelcentrum waar ik een keer doorheen loop en ik ga op mijn gemak naar een grote supermarkt. Om half elf is de ook de rest van de groep weer in het hotel, inclusief Peking eend. Ze hebben nog eend voor me meegesmokkeld en die wil en moet ik toch nog even proeven. Ik weet het weer zeker, zelfs originele Peking eend uit Peking is niet mijn ding.

Dag 21
De laatste dag is echt de laatste dag, we blijven wat langer liggen, rommelen wat in het hotel en proberen onze koffers dicht te persen. Het lukt allemaal maar net en we zetten ze deze keer maar niet op de weegschaal. Onze landgenoten van de KLM zullen wel niet zo streng zijn. Tussen de middag gaan we op de laatste dag voor de eerste keer een keer room service proberen. We bestellen pasta en een gerecht wat lijkt wat ik ook wel eens in Nederland gegeten heb, ‘galopperende ossen over de Mongoolse prairie’. Een uitstekende keus. We lopen nog wat rond in Beijing en drinken nog een koffie in de Mac, opnieuw hangen ze er met de benen buiten.

Dag 22
Dag 22 staat in het teken van vliegtuigen, vliegvelden, zweet en de KLM. het vliegtuig van de KLM wat klaar staat is andere koek dan China Eastern en Hainan Airlines maar de vlucht is natuurlijk wel een keer of 5 zo lang, 11 uur zullen we tussen hemel en hel verblijven. Het KLM vliegtuig heeft naar mijn idee ook meer uitstraling en ziet er beter gepoetst uit maar dat slaat natuurlijk nergens op. Maar we krijgen weer wat meer vertrouwen in vliegen. We gooien onze laatste Yuans nog een keer in de donatiepot. Op veel plaatsen hebben we deze vakantie dozen of emmers gezien waar je je overbodige Yuans in kwijt kunt. Deze donaties komen ten goede aan de slachtoffers van de aardbeving. Laten we hopen dat dat ook zo is.

De terugreis verloopt als een zonnetje. Opnieuw win ik een weddenschap want het is toch echt Finland en Zweden waar we rond 1 uur ‘s middags boven vliegen en geen Polen! Na 11 uur vliegen is de landing van de goede soort. We voelen ons in de ‘Hemel van Amsterdam’ in tegenstelling to de ‘Hel van Bejing’ een paar dagen eerder. We hebben niet eens in de gaten dat we de grond raken en ik wil bijna gaan klappen.

Enige tijd later sta ik in Amsterdam op de Long Parking en ik moet mijn auto zoeken. Bij alle vliegstress op de heenweg ben ik ver
geten het nummer van mijn parkeerplek op te schrijven. Thuis komen duurt nog een paar minuten langer.

Het kost ons nog zeker een week om bij te komen van deze reis. Of we watjes zijn, of het algehele vermoeidheid is of de jetlag door 6 uur tijdsverschil weet ik niet. Dat het weer erg wennen is in Nederland na ruim 3 weken China, weet ik wel. Dat ik twee dagen later gelijk door moet naar Praag weet ik dan nog niet.

Moraal van het verhaal

China is groot, de steden zijn groot, alles is groot. Ik ben frequent bezoeker van Parijs maar de steden die ik in China gezien heb zijn gewoon andere koek. Er zijn onnoemelijk veel mensen, wel zo’n 1,3 miljard schijnt het. De 1 baby politiek plaats je na zo’n reis in een heel ander perspectief.

De armoede die ook in China aanwezig zal zijn, zijn wij niet echt tegengekomen. We hebben voornamelijk de grote steden gezien, het platteland hebben we slechts een enkele keer bezocht. Ons beeld van China is dus eenzijdig. Maar je moet keuzes maken en je kunt een land als China niet in 1 keer zien. Dus om een goed beeld te krijgen zul je een paar keer terug moeten. Of ik dat nog ga doen weet ik niet want er zijn nog veel andere landen waar ik ook nog naar toe moet.

Verder valt het me op dat meeste mensen die we tegenkomen erg aardig zijn, veel mensen lachen naar je, zwaaien je toe of willen met je op de foto. Naar mijn idee zijn de Chinezen erg trots op het feit dat ze de Olympische Spelen kunnen organiseren dit jaar.

Hoewel ik niet van de groepsreizen ben en er weinig ervaring mee heb, was de reis op zich erg goed georganiseerd. Altijd een redelijk tot goed engels sprekende lokale gids paraat, over het algemeen goede bussen en de hotels waren prima tot uitstekend, hoewel anderen in de groep blijkbaar anders gewend zijn. Er was met regelmaat wat mis en steeds vaker moest Annet aan de bak om andere kamers te regelen. De ene keer terecht, de andere keer…mhwa.

Het is een aparte ervaring om met een groep te reizen. Je zet 18 mensen die elkaar niet kennen bij elkaar en laat ze drie weken samen rondreizen. Natuurlijk geeft dat problemen want mensen zijn verschillend. Je merkt dan dat er na een week of wat ‘groepsvorming’ ontstaat. Zeker bij het eten kon je dat zien. Bij de lunches en diners hadden we veelal twee tafels. De laatste week was de tafelbezetting ver voor de lunch of diner al bekend. Ik vond het eten geweldig. Natuurlijk lust je niet alles en de ene keer is het beter dan een andere keer maar de chinese keuken die ons 2x per dag voorgezet werd, beviel ons uitstekend. Ook dat werd anders ervaren door anderen in de groep. Ik heb er vaak om moeten lachen. Je bent 3 weken aan de andere kant van de wereld, in een ander land met een andere cultuur met andere mensen en een ander politiek bestel. Om je dan druk te maken over het eten of je kamer…

Als je naar China gaat moet je je realiseren dat dit land, in verhouding tot andere populaire landen als Thailand en Zuid Afrika, pas kort het toerisme omarmt heeft. Daarom zijn in China sommige zaken anders geregeld, zijn er andere standaarden en is het niveau misschien net even anders als dat je misschien gewend bent. Als je daar op instelt is er niets aan de hand. Kun je of wil je dat niet, dan wordt het lastig.

Als laatste, voor het geval Annet deze stukjes nog eens leest…bedankt voor de prachtige reis en geen dank voor de steun! Ik heb vaak moeten lachen en je weet wel waarom.

Voor de laatste keer staat hieronder weer een video, meer video’s vind je hier en voor nog wat foto’s kijk je hier.

Het reisverslag zit er dus op, vanaf morgen vind je hier weer iedere dag de andere kant van het nieuws en andere onzin.

 

4 COMMENTS

  1. Wij willen er zelf ook nog een keer naar toe. Misschien in 2010 als de Wereldtentoonstelling in Shanghai is. Maar goed naar zo land ga je niet even voor twee weken.

  2. Ik ben benieuwd hoeveel je van de openingsceremonie van de OS zult herkennen. Misschien maakt "We will rock you" er wel onderdeel van uit.

Comments are closed.